De VYF engageert zich om, op de verschillende niveaus van zijn sportief beleid, op een gestructureerde manier een lange termijn visie in de praktijk uit te bouwen en toe te passen om zo te komen tot een integraal topsportbeleid.
De werking van, en samenwerking binnen de topsportcommissie is uiterst belangrijk bepalend voor het slagen van de topsportwerking van de VYF.
De hoofdtaak van de topsportcommissie bestaat er in het topsportbeleid op te stellen, voor te stellen en te verdedigen bij de Raad van Bestuur. Deze commissie is ook bevoegd voor het uitvoeren, opvolgen en bijsturen van het beleids- en actieplan.
We onderscheiden 4 verschillende niveaus (niveau 1, 2, 3 en 4) binnen het sportief beleid van de VYF.
Het hoogste niveau, omvat de elitesporters. Hier zitten de atleten die reeds de voorgaande jaren tot deze categorie behoorden en werken ifv. de volgende Olympische Spelen.
De beloftevolle jongeren die werken ifv. de OS 2012.
Hieraan worden de sporters gekoppeld die het potentieel hebben om de OS 2012 te halen maar op dit ogenblik nog niet voldoen aan de criteria voor elitesporters.
De geïdentificeerde topsporttalenten, die werken ifv. de OS 2016 - 2020.
Dit zullen in 2011 een 30-tal jonge atleten zijn, geselecteerd door de commissie topsport en het sportwetenschappelijk project van Professor Jan Bourgois. Deze geselecteerde groep werkt VYF gestuurd vanuit de VYF topsportcommissie. Deze sturing gebeurt op vlak van trainings- en wedstrijdprogramma, sporttechnische, sportwetenschappelijke en logistieke omkadering.
De clubwerking is de basis en dient jaar op jaar te zorgen voor de toevoer van atleten naar het volgende niveau.
In dit niveau wordt aan scouting / talentdetectie gedaan om nieuwe jonge topsporttalenten op te pikken.